30 dagen... zonder alcohol

-To alcohol, because no great story started with someone eating a salad!-

Zo luidt het devies dat mij tot de diepste uithoeken van het nachtleven brengt. Drink met mate, alcohol maakt meer kapot dan je lief is, dat zal allemaal wel. Laat nou net dat ene moment aan de bar mijn favoriete minuut van een gemiddelde stapavond zijn. Dat moment dat ik mijn partner in crime in de ogen kijk, een shot sterke drank ad, beiden wetend dat deze nacht een achtbaanrit gaat worden. In de zesde versnelling, nooit meer naar huis, of in ieder geval niet dat ik het me nog kan herinneren de volgende dag.

Het probleem is dat ik, en nu komt het, er heimelijk trots op ben dat ik mij dikwijls ten gronde richt. Sterker nog, ik begeef me soms onder mensen die dusdanig op slot zitten dat ik denk: mens, gun jezelf een fles wodka. Ga die grens over; doe het!

Maar om jezelf nou structureel de greppel in te zuipen om met grote bravoure te bewijzen dat ik me kan geven, voelt toch tamelijk treurig en afgesneden van de realiteit. Bovendien heb ik een hekel aan mezelf als ik dronken ben.

Grens bereikt

Vandaag heb ik de balans opgemaakt. Alle momenten dat ik de bocht uit ben gevlogen met alcohol liggen voor me op papier. Het was een hele klus. Eenmaal aan het schrijven geslagen bleven de rampgevallen binnenkomen. Met als hoogtepunt het afgelopen kerstdiner waar mijn schoonzus een ongezouten uitbrander van me kreeg over wat ik werkelijk van haar vond en ik mijn vader vlak voor mijn noodlanding nog verweet dat hij er nooit geweest is om vervolgens -nog voor het hoofgerecht arriveerde- in slaap te vallen op de wc. Ja. Sorry. En ook dronken achter het stuur, onredelijk zijn, op straat plassen, naar huis gedragen worden, mijn bedpartner de huid vol schelden. Ok ok ok, alcohol en ik hebben intussen een verscheidenheid aan hoogte- maar vooral dieptepunten bereikt. Kappen ermee! Dertig dagen zonder alcohol.

Ondervindingen

Er bestaan dus mensen op deze aardkloot die niet drinken, omdat ze alcohol niet lekker (!) vinden. Dat gaat er bij mij echt niet in. Alcohol kent zoveel smaken! Hoe kan je nu van al die smaken zeggen dat je het niet lekker vindt? Onzin. Het lijkt stilletjes fijn om alcohol niet lekker te vinden. Ha! Ik denk iedere dag aan alcohol en deze maand met lichte weemoed. Wijn bij het eten, bier bij een goed gesprek. Net iets teveel activiteiten zijn gekoppeld aan alcohol, aldus mijn buddy. Wat? Ja, ik ben naar een bijeenkomst geweest voor alcoholisten. Het was een impulsief besluit om hier naar binnen te lopen. Ik werd heel hartelijk ontvangen, heb geluisterd naar ervaringen van andere mensen met bodemdrift en liep een uur later naar buiten met een nieuwe imprint en een buddy. Iemand die je belt als je het zwaar hebt. De bijeenkomst heeft me wakker geschud. De openhartigheid van de deelnemers is ontwapenend, eerlijk maar bovenal herkenbaar. Ik werd geconfronteerd met waarom ik drink, vanuit welke ruimte die gedachte komt, wat daaronder zit. Dat is niet leuk, maar het voelt bevrijdend om bij de kern van de zaak te komen.

daphne wasted website.jpg

Fotograaf: Marco ter Beek

Verdoving, overbodig?

Weet je, dat hele niet drinken valt op zich wel mee. Van te voren zie ik er als een berg tegenop, maar het komt er op neer dat voornamelijk de eerste tien minuten lastig zijn. De craving waait over en het is fijn om naar huis te fietsen met een trots gevoel.

Wel moet ik wennen aan mijn nieuwe rol als partypooper. Het heeft met spiegelgedrag te maken. Als je samen bent en het leuk hebt, dan ga je dat bevestigen door hetzelfde te doen als de mensen met wie je bent. Drinken is daar een belangrijk onderdeel van. Als men om je heen drinkt en jij gaat niet mee, dan voelt dat als een demping in de feestvreugde, omdat je het sociale proces tegenhoudt. Ik denk dat andere mensen me een zeikerd vinden met mijn spa rood.

Naast niet meer dronken zijn mis ik 'het katergevoel'. Intens, de wereld met een kater: de wind op je huid, alles komt binnen, jezelf uitdagen, haten, verafschuwen, zielig vinden, extra lief zijn voor jezelf, op de bank liggen, patat halen, niks doen, stilstaan. Vooral het laatste gun ik mezelf alleen met een kater, omdat ik door brakheid niet meer anders kan. Als ik zonder kater lamlendig op de bank hang, voel ik me voornamelijk schuldig of nutteloos. Ik ga op zoek naar alternatieve ontspanning waar ik geen schuldgevoel van krijg en vind mijn heil in Yin yoga, dansen, sauna, door het bos wandelen, allemaal minder destructief en een stuk bewuster dan de verdovende alcohol. Nu ik niet vlucht in alcohol en mezelf meer onder ogen kom, valt het me op dat ik minder uitgelaten en extravert de weken doormaak. Genormaliseerd. Dat is ergens volwassen en ergens teveel in balans naar mijn smaak.

Ik denk niet dat alcohol overbodig is. Bij de gedachte om dit project te verlengen met een half jaar niet drinken, raak ik in paniek. Dat wil ik niet. Ik wil niet stoppen met drinken. Vooral niet als ik uit eten ga. Of tijdens oudejaarsavond. Of als er een goeie fles wijn geopend wordt. Dat zijn voor mij de krenten uit de pap die het leven mooier maken. Ik wil van alcohol kunnen blijven genieten zonder door te schieten naar standje laveloos naar huis. Ik ben bang dat gematigd drinken na mijn vijftien jaar alcoholgebruik en talloze bezopen nachten niet meer mogelijk is. Een nieuwe uitdaging. Tegelijkertijd bekruipt me vraag: moet ik mezelf wel zo willen matigen? Is het stoppen met drinken na twee biertjes niet hetzelfde als niet klaarkomen tijdens een vrijpartij? Het verlangen is er, de bevrediging blijft uit. Ben benieuwd.